ISOLEREN – HET CONCEPT

Isoleren is veruit de belangrijkste ingreep die je kan treffen om energie (en tegelijk veel geld) te besparen. Investeren in isolatie is veel efficiënter dan investeren in bijvoorbeeld zonne-energie, al hoor je ons niet zeggen dat dit investeren in zonne-energie zinloos zou zijn.
De Belgische woningen zijn doorgaans zeer slecht geïsoleerd. Onze isolatiewetgeving is één van de zwakste van West-Europa, en dan nog moeten we vaststellen dat zelfs bij nieuwbouw de meeste woningen nog niet eens aan de norm voldoen.
Een hardnekkige mythe betreft het over-isoleren. Veel mensen denken dat je door overmatig te isoleren het risico op schimmelvorming vergroot. Het één hangt echter niet noodzakelijk met het andere samen: schimmelvorming kan vermeden worden door zorgvuldig te isoleren (koudebruggen vermijden) en door tegelijk te ventileren.

Isolatienormen
Een K-waarde is een maat voor de warmteverliezen die via transmissie door de buitenomhulling van het gebouw (muren, dak, vloer, deuren en ramen) plaatsvinden. Deze huidige reglementering eist dat een bepaald globaal isolatiepeil wordt bereikt, of met andere woorden dat het K-peil van het gebouw een bepaalde waarde niet overschrijdt.

Isolatie-Tips

  • Zorg voor een degelijke bouwschil met een goede isolatie. Het is zeer belangrijk in het concept van de woning. Pas daarna is de keuze voor een goede verwarmingsinstallatie en ventilatie van belang.
  • Isoleren is een eenmalige investering waarna je levenslang geniet van het comfort en de winst op je energieverbruik.
  • Het comfortgevoel van isolatie is niet te onderschatten. Je kan dit gevoel ook mechanisch opwekken met een zware verwarmingsinstallatie in de winter en airco in de zomer. Maar wie zal dit betalen? Een goede isolatie geeft je onmiddellijk dit gevoel. Door isolatie worden temperatuurschokken vermeden.
  • Ongeveer 20 % van onze warmte gaat verloren via de vloer. Het is ook het enige oppervlak waar we bijna altijd mee in contact zijn. De vloer beïnvloedt rechtstreeks ons comfortgevoel. De gemiddelde temperatuur van een niet-geïsoleerde vloer is 11° C en dit is niet comfortabel. Als je dit wilt compenseren door de verwarming hoger te zetten, zal je energierekening snel de hoogte in gaan. Reden genoeg om te kiezen voor een goede vloerisolatie.
  • Vermijd naden tussen de isolatieplaten op dezelfde hoogte van de mortelvoegen.
  • Zorg dat muren, daken en vloeren over de volledige oppervlakte geïsoleerd zijn. Vul de volledige spanthoogte met isolatie. Die ruimte is toch beschikbaar en de extra materiaalkosten zijn zeer beperkt.
  • Bij de isolatie van een plat dak haal je voordeel met bio-ecologische materialen: enkel met die materialen – omdat die voldoende vochtgestuurd zijn – kan een volledige opvulling van de ruimte met isolatiemateriaal. Met traditionele materialen kan dat niet.
  • Isoleren aan de binnenzijde van een muur is een noodoplossing en kan niet altijd worden toegepast.
  • Vraag eerst inlichtingen aan een vakman (aannemer of architect).

Bouwbiologische isolatie
Elk gebouw dient te worden voorzien van een warmte-isolatie die een maximum aan comfort combineert met een minimum aan energieverbruik. Kies je voor kwaliteit dan ben je decennia lang verzekerd van aangename temperaturen, een goed binnenklimaat en bescherming tegen geluidsoverlast.

De vochtregulering is een ander heel belangrijk element bij constructies en isolaties. Afhankelijk van de ruimte moet oordeelkundig voor dampremmende of dampopen materialen gekozen worden. De materialen zijn niet alleen essentieel om condensatie e.d. te voorkomen, maar regelen ook de luchtvochtigheid in de ruimte. Materialen zoals hout en leem bijvoorbeeld zijn voldoende hygroscopisch. Vermijd ook dampdichte muurverven of vernissen – die verstikken het materiaal.

Bescherming van geïsoleerde constructies tegen vocht
Natuurlijke bouwmaterialen zoals bv. hout, baksteen, kalk- en gipspleisters hebben een vochtgestuurde µd-waarde. Ook het bouwpapier (dampremmend membraan) heeft deze eigenschap: hoe vochtiger de omgevingslucht (de binnenlucht), des te meer diffusieopen, en hoe droger, des te diffusiedichter. Dit garandeert in de winter het voldoende afremmen van diffusie, maar bevordert juist de noodzakelijke diffusie in de zomer.

Een aantal kengetallen in de isolatie-wereld

  • De K-WAARDE van een gebouw geeft het totale isolatieniveau van een opbouw. Het cijfer houdt rekening met het volume van de constructie, de mate waarin de warmte kan ontsnappen. Hoe lager de K-waarde, hoe kleiner de warmteverliezen en dus hoe efficiënter de isolatie.
  • De R-WAARDE (in m²K/W) drukt de thermische weerstand uit, of het vermogen van de wand om de doorgang van de warmte te beletten. Hoe groter de R, hoe beter het materiaal isoleert tegen buitenhitte.
  • De U-WAARDE of warmtedoorgangscoëfficiënt is het omgekeerde van de R-waarde en duidt op de hoeveelheid warmte die er verloren gaat. Een lage U-waarde (in W/m²K) houdt meer warmte binnen.
  • De Lambda-WAARDE geeft aan hoe goed/slecht een materiaal de warmte geleidt. Materialen met een hoge lambda-waarde (in W/mK) zijn goede geleiders, en dus slechte isolators.
  • Hoe meer warmte een isolatiemateriaal kan opslaan, hoe langer het duurt voordat het erdoor komt. De lambdawaarde bepaalt hoeveel warmte erdoor komt, de warmtedoorslag bepaald wanneer die warmte erdoor komt. Warmteopslagcapaciteit: Rotswol / glaswol = 840 J/kgK; vlas = ca. 1550 J/ kg.K; papiervlokken / houtvezel = ca 2100 J/kgK.

De Kyotonormen en de nieuwe energieprestatiewetgeving of het inperken van energiebehoeften
In het licht van de Kyoto-akkoorden, waarbij alle leden formeel afgesproken hebben de CO2 uitstoot terug te dringen, zullen we in de toekomst duurzamer of energievriendelijker moeten bouwen. Dit betekent in de eerste plaats goed isoleren. In België is men verplicht om gemiddeld 7 cm dik te isoleren. In de ons omringende landen, Frankrijk, Duitsland en Nederland dient men gemiddeld 17 cm isolatie te plaatsen. Wil men echter komen tot een verantwoord energiegebruik in de woning zal men moeten denken aan pakketten van gemiddeld 30 cm.